Changez!
Dit weblog wordt verhuist en wordt voortgezet op: http://www.blauwoog.com/vk .
Verandert u de linkjes?
Dit weblog wordt verhuist en wordt voortgezet op: http://www.blauwoog.com/vk .
Verandert u de linkjes?
Dat was, ongenuanceerd en ultrakort samengevat, het verhaal van de meneer van ibteam.net die ik net op bezoek had gehad. En toch heb ik het niet gedaan. Als ik de meneer moet geloven heb ik daarmee binnen drie kwartier een heel fortuin weggegooid. Maar ik kan me nu eenmaal niet aan de indruk onttrekken dat er ergens een vette adder onder het gras moeten zitten. Eerst geld inleggen om geld te mogen verdienen, dat wekt argwaan.
Het systeem doet verdacht veel denken aan een piramide-gebeuren. Naarmate je meer mensen overhaalt om óók ‘zelfstandig internetwarenhuis-handelaar-ondernemer’ te worden, verdien je meer geld. Als die mensen dan óók weer veel mensen weten te strikken, verdien jij nog meer geld. En als die mensen op hun beurt óók weer mensen omlullen, verdien jij nóg meer geld. En uiteindelijk stroomt het geld tot je dood met bakken tegelijk je bankrekening op.
Toch is dit geen piramide-spel, volgens de meneer. Het belangrijkste verschil is dat dit internetwarenhuis echte spullen verkoopt. Een piramide-gebeuren handelt alleen in lucht. Maar hoewel het gaat om een internetwarenhuis, bestond de presentatie van de meneer eigenlijk alleen maar uit een presentatie van ‘het systeem’. Over de handelswaar in concreto werd bijna met geen woord gerept. Dat ruikt naar het omzeilen van wettelijke regels om toch hetzelfde te kunnen blijven doen.
Kortom, ik vertrouw het allemaal niet zo. Dat ik deze middag door nog een andere meneer werd gebeld over exact hetzelfde (een meneer die zich voorstelde als ‘bedrijfsleider’ nota bene) voorspelt ook al niet veel goeds. Ik voel aan mijn water dat er iets niet klopt. En daarbij, áls dit systeem al werkt, dan toch alleen voor mensen die goed zijn in ondernemen, netwerken en vertegenwoordigen. Dingen die nou niet bepaald ‘mijn kop thee’ zijn.
Het hele systeem doet me denken aan kaashandelaar Laarmans uit het boek van Willem Elschot dat ik voor mijn lijst moest lezen. Die Laarmans zou ook wel even snel rijk worden. Maar hij bleef mooi dat hele boek lang met zijn kiet vol klotekazen zitten. Die loser.
Laat mij dan maar liever mijn vakanties slijten in het magazijn van Volvo, hier bij de Gentse haven. Daarbij weet ik tenminste van tevoren dat het ongeveer 14 euro per uur schuift (netto).
Ze hebben het er maar moeilijk mee, de Japanners. Officieel staat het land nog achter de verklaring van 1993, waarin het zegt diepe spijt te hebben van zijn ‘handelen uit het verleden’. Wat in feite gaat over de troostmeisjes uit de Tweede Wereldoorlog. De meisjes moesten voor de Japanse soldaten jarenlang voor gratis hoer spelen.
Officieus is de kwestie nog lang niet achter de rug. Premier Shinzo Abe wekte onlangs beroering door dubbelzinnige uitspraken en uit de geschiedenisboekjes zijn de troostmeisjes zo’n twee jaar geleden geschrapt.
Deugd
In het westen zal bijna geen hond begrijpen waarom. Wij, zeker in West-Europa geloven in pragmatiek, in het onder ogen zien van de eigen fouten. Wij vinden dat een deugd. Wij vinden dat zelfs zo’n deugd, dat we van iedereen min of meer eisen hetzelfde te handelen.
Net als in het westen, zijn ook de mensen in het oosten een product van hun eigen geschiedenis. En aangezien onze geschiedenissen nogal van elkaar verschillen, zijn ook de mensen niet dezelfde.
Het Japanse zwijgen doet me denken aan verschillende passages uit China per Trein. Daarin stelt schrijver Theroux (in 1986) regelmatig moeilijke vragen. Bijvoorbeeld over Mao, over de Culturele Revolutie enzo. Vragen waarop veel Chinezen liever geen antwoord geven. Dus zwijgen ze. Precies hetzelfde als nu in Japan over de troostmeisjes. Zwijgen kan ook een deugd zijn.
Minderwaardig
Vorig semester volgde ik het vak Geschiedenis van Japan. Een van de dingen die mij zijn opgevallen, is de eeuwige innerlijke strijd van Japan. Al sinds het moment dat de eerste Westerlingen Japan bezochten (ongeveer 500 jaar geleden), spiegelt Japan zich aan het westen. Voor het trotse Japan was dat vaak een pijnlijke spiegel. Het westen had bijvoorbeeld buskruit. Daarmee was het westen een potentieel militair gevaar voor Japan, maar tegelijk een potentiële leermeester.
Zo had Japan honderden jaren het gevoel minderwaardig te zijn, en kwam het tegen dat gevoel ook keer op keer in opstand. Japan heeft al die tijd – zij het met horten en stoten – geprobeerd om te leren, met name van het westen, om uiteindelijk te pogen ‘de VS van Azië’ te worden (te beginnen met de overheersing van China). Patriottische gevoelens zijn in Japan absoluut niet iets van de laatste tijd.
In de 20e eeuw dacht het patriottische Japan klaar te zijn om zich militair met de rest van de wereld te meten. Te beginnen met VS – zie de aanval op Pearl Harbor. De afloop was niet helemaal wat Japan ervan had verwacht. Zo mocht het land voortaan geen eigen leger meer hebben (alleen een klein zelfverdedigingslegertje). Op pijnlijke wijze werd Japan er daarmee aan herinnerd dat het nog altijd onder deed voor het westen.
Zo is het in de geschiedenis van Japan de laatste 500 jaar altijd geweest. Knokken tegen het eigen minderwaardigheidscomplex. Het verkrachten van troostmeisjes past daar naadloos in. Onderzoek heeft uitgewezen dat verkrachting niet zozeer voortkomt uit seksuele behoefte, maar vooral uit de behoefte macht uit te oefenen over het slachtoffer.
Excuses
Kortom: het is voor Japan veel moeilijker om ‘het eigen verleden onder ogen te zien’ (zoals wij het zouden noemen) dan voor bijvoorbeeld Nederland of België. Maar dat heeft ook een voordeel. Als ondubbelzinnige, glasheldere excuses van Japan wegens de troostmeisjes alsnog komen, dan zullen die extra veel waard zijn.
Maar voorlopig zie ik daar niet zo veel van komen. De consensus in Japan om het onderwerp gewoon dood te zwijgen, is groot. Bovendien zit Nederland er ook niet bepaald hard achteraan. Minister van Buitenlandse Zaken Verhagen heeft wel de Japanse ambassadeur op het matje geroepen, maar toen die zei dat Japan nog achter de vrij algemene verklaring van 1993 stond, was alles al weer koek en ei.
Misschien dat (ook) in Nederland economische belangen toch iets belangrijker zijn dan principes.
Zie ook het artikel in NRC Handelsblad, en het boek Inventing Japan van Ian Buruma.
Ach en wee. Het is weer eens mis op het spoor. De treinen zitten vol, vooral tussen Olst en Zwolle. De vraag is alleen of we het niet een beetje overdrijven.
De NRC plaatst bij een alarmerend bericht over vee-achtige toestanden een foto van een treinbalkon. Daar staan weliswaar wat mensen die geen zitplaats hebben kunnen vinden, maar om nu te spreken van een ‘struggle of life’, of van ‘flauwvallen door de drukte’… niet echt.
Wel spreekt het bericht van het incident in Olst waarbij een stuk of 30 mensen niet mee konden omdat de NS een of ander klein prutsboemeltje had ingezet. Tsja, als mensen op het perron moeten achterblijven, dan kun je wel zeggen dat de trein mutjevol zit. Je kunt je er wat bij voorstellen als daarover wordt geklaagd.
(Hoewel, als er plek is voor de vouwfiets van mevrouw Zandt, had er ook best een reiziger extra meegekund.)
Maar aan de andere kant: alles is relatief. Op de metro in Beijing zijn dit soort toestanden volstrekt normaal. Daar zijn de metrostellen in de spits altijd bomvol, daar blijven in de spits (bijna) altijd mensen achter op het perron. En daar wordt nooit over geklaagd. Ze hebben in China ook wel grotere problemen om zich druk om te maken: de sociale onrust, de enorme kloof tussen arm en nouveau riche, de demografische ontwikkeling, het belabberde zorgstelsel… kortom problemen waarvan we het in Nederland en België vanzelfsprekend vinden dat die niet bestaan.
(De metro van Beijing tijdens een rustige spits.)
En hier blog ik. Het schijnt dat mensen het interessant vinden om dat te weten. Dus bij deze.
Wees gerust: de vlag die u ziet, is niet de Franse. Het is de vlag van Club Xelajú, een voetbalclub uit de eredivisie van Guatemala.
Op de achtergrond ziet u nog net een stukje van de omgeving. In het gebouw schijnt men allerlei creatiefs te doceren.
Tussen de rommel op mijn bureau bevinden zich standaard minstens drie to-do-lijstjes. Er valt dan ook heel wat te doen. Voor de komende tijd moet ik mij van mijzelf bijvoorbeeld bezighouden met twee papers, drie weken achterstallige virtuele correspondentie, opruimwerkzaamheden, het vinden van reguliere sportactiviteiten, het komend studiejaar, en een belastingaangifte 2006.
Ik leef nogal dicht op mezelf. De afgebeelde oppervlakte bedraagt ongeveer eenderde van mijn totale woonruimte.
Op zijn zachtst gezegd opmerkelijk, dat kerk-itempje van vrijdagavond in EditieNL op RTL4.
Wat is het geval. In Tilburg worden mensen elke vroege ochtend genadeloos hun nest uit gebeierd door een plaatselijke kerk. Daarover is geklaagd. Meneer pastoor mag voortaan zijn klokkenspel niet meer zo hard op op onchristelijke tijdstippen gaan luiden.
EditieNL besluit om hieraan aandacht te besteden en gaat…. naar een moskee. Ja, dat leest u goed. Een itempje over kerk-herrie, opgenomen bij een moskee waar omwonenden nÃet geklaagd hebben.
Het kerk-item duurt twee minuten, waarvan er amper 15 seconden over de kerk zelf gaan. Voor de rest gaat dit item rond geluidshinder alleen maar over de moskee. Waar dus helemaal niets aan de hand is.
Hoe polariserend wil je het hebben. Het moet niet gekker worden.
Dit item is een absolute aanrader voor lezers van dit blog die nog altijd denken dat journalisten linkse allochtonenknuffelaars en islamlovers zijn.
De beeper is in Europa eigenlijk nooit echt populair geweest," zegt een van mijn leraressen Chinees in de les – en daarin heeft ze gelijk. "Maar in China wel. Elke Chinees had zo’n pieper aan z’n broekriem hangen. En als ze dan gepiept werden dan gingen ze naar een publieke telefoon. Die had je overal. In van die kleine standjes. Dan stond daar zo’n hele rij van die rooie plastic telefoons. En daar stonden dan zo groepjes Chinezen te wachten totdat ze werden teruggebeld, als ze bijvoorbeeld zelf iemand gepiept hadden."
"Nu zie je dat niet meer. Zelfs de armste Chinees heeft nu een mobieltje. Dat vind ik eigenlijk wel jammer. Het had wel iets, iets romantisch. Die Chinezen bij die beltentjes."
Tsja, romantisch. Dat zal best. Maar, bedacht ik mij na afloop van de les, eigenlijk is het een beetje misplaatst om als westerling dit piepers-en-beltentjes-fenomeen zo te idealiseren. Ik ben eigenlijk wel blij voor die Chinezen dat ze nu gewoon mobiel kunnen bellen. In plaats van dat gedoe met piepers en terugbellen. Mobieltjes zijn veel handiger.
Dus nee, ik ben er niet rouwig om.
Mensen die dat wel zijn, kunnen altijd nog zelf hier in Europa een beltentje oprichten en daar dan zelf lekker bij gaan staan. Ook als het regent. Met een paar vrienden ofzo. Heel romantisch.
Vanmorgen op het radionieuws op Q-Music een quote van een geleerde wetenschapper:
"Waardoor het afstoten van de foetus kan voorkómen, is onder andere roken en niet naar de dokter gaan. Wij moeten alles doen om dit fenomeen tegen te gaan."
Ja, en vóórkomen is beter dan genezen zeker?
Ik moet… ik moet ze kennen, het moet… morgen moeten ze erin zitten… ook de moeilijke, ook de makkelijke die ik steeds vergeet… het moet… ik moet ze allemaal kennen… allemaal, Chinees-Nederlands en omgekeerd, en ook kunnen schrijven… en de tonen onthouden… het gaat niet… het moet, maar het gaat niet… verdomme, VERDOMME! -
BOEM!
Met een doffe dreun beland ik op de grond. Mijn dekbed zit nog half om me heen gedraaid. Natte plekken van het zweet.
Afasie. Er bestaan vele vormen van. Dat je bijvoorbeeld opeens niet meer kunt lezen of schrijven. Of dat je wel alles begrijpt, maar alleen nog wartaal kunt uitslaan, en dat je dan snapt dat anderen je niet begrijpen terwijl het voor jouzelf allemaal zo logisch klinkt wat je zegt.
Misschien is er ook wel een afasie waarbij je opeens geen nieuwe woordjes meer kunt leren. Dat de groei van je vocabulaire, in welke taal dan ook, opeens met een klots tot stilstand komt. En genadeloos vastroest.
Dat lijkt me zo erg. Zó erg… het is mijn grootste nachtmerrie.